Muziek wordt wel omschreven als een universele taal. Op elke leeftijd en ongeacht waar we vandaan komen: muziek doet iets met ons, zonder dat we dat hoeven te leren. Dat wil niet zeggen dat we precies snappen hoe het in elkaar zit. Daarin is muziek hetzelfde als elke andere taal.
Ook muziek kent een grammatica en syntaxis, stijlfiguren en frases. Door te benoemen wat je hoort, kun je klassieke muziek interpreteren. Wat zijn dissonanten en modulaties? Hoe bouwt een componist muzikale spanning op en hoe gebruikt hij harmonie? We zijn gewend via associaties in ons geheugen betekenis te geven aan muziek. Kennis van de gebruiken en bouwstenen van deze universele taal, stelt je echter in staat die in een kader te plaatsen en op de betekenis van muziekstukken te reflecteren.
Drs. Leo Samama is componist en schrijver. Tot midden 2010 was hij directeur van het Nederlands Kamerkoor. Na zijn studie muziekwetenschap aan de Universiteit Utrecht, doceerde hij onder andere aan de conservatoria van Utrecht en Den Haag. Ook schreef hij artikelen en boeken over muziek.
Met eigen spel op de vleugel ontleedt Leo Samama in vier avonden de taal van klassieke muziek.
In samenwerking met Home Academy.
Download nu de Blogbundel van de reeks, met daarin de nieuwsblogs van alle lezingen gebundeld
Van eenstemmig gezang naar polyfonie: de ontwikkeling van de meerstemmigheid Aan het begin van deze lezingenserie kijkt Samama naar het ontstaan van een gevoel van welluidendheid. Hoe kan het dat het menselijk gehoor vroeger liever eenstemmig gezang hoorde, maar nu een voorkeur heeft voor voor polyfonie? En wat is in dit verband het verschil tussen chansons, motetten en missen?
Van polyfonie naar monodie: Het tweede deel van de avond staat in het teken van de Renaissance. De polyfonisten uit deze tijd hadden als grootste ideaal om elk woord dat in haar kleinste betekenis uit te drukken in de muziek. Samama legt uit hoe de praktische onuitvoerbaarheid hiervan uiteindelijk leidde tot de afschaffing van dit ideaal.
Van monodie naar aria's en recitatieven: De tweede avond start met het ontstaan en ontwikkeling van monodie naar een afwisseling van aria’s en recitatieven. Deze ontwikkeling is terug te zien in zowel de wereldlijke muziek, bijvoorbeeld de opera, als in de religieuze muziek (cantates, oratoria, missen).
Ontstaan en ontwikkeling van het sonateprincipe: Aan de hand van instrumentale muziek uit de 17e en 18e eeuw laat Samama in het tweede deel van de avond zien wat de betekenis is van het begrip 'dialectische retorica'. Hoe worden solo's en begeleidingspartijen in een sonate met elkaar gecombineerd en spreken zij elkaar tegelijkertijd tegen?
De technieken van romantische expressie: Hoe verschilde de romantische muziek van de klassicistische muziek uit de periode daarvoor? Wat zijn de verschillen in vorm, tijd en thematiek en hoe zie je dat terug in miniaturen, bombast en virtuozendom?
De vocale muziek: Naast instrumentale muziek speelt ook vocale muziek een rol in deze serie. Soms is vocale muziek klein, zoals in een lied. Via het oratorium en de opera wordt vocale muziek echter ook groots. Wat zijn hierbij de verschillen tussen 'im Volkston' of het Gesamtkunswerk, Leitmotive en Verismo?
De veelgelaagdheid van de muziek rond en na 1900: Tonaal, atonaal, polytonaal, modaal, vooruit of achteruit: de muziek uit het begin van de vorige eeuw onderzoekt de grenzen van expressiviteit. Wat kan je wel en niet uitdrukken met de taal van muziek? Tegelijkertijd grijpen musici in deze periode ook terug naar het oude handwerk. Hoe konden deze twee ontwikkelingen tegelijkertijd ontstaan?
Brains or heart: de muziek na 1945: Niet alleen 'l’art pour l’art' maar vernieuwing was ook een reden om na de Tweede Wereldoorlog muziek te maken. Hoe luisteren we naar seriële, aleatorische, micropolyfone, minimalistische, neo-expressionistische en elektronische muziek die vervolgens onstond? En wat kunnen we nog verwachten?