Voorbij de culturele grenzen van het denken

Afrikaanse filosofie is invloedrijk en zeker geen ver-van-je-bed show. “Alsof Afrika niet sinds mensenheugenis met het Westen verbonden is!”
Leestijd 3 minuten — Do 10 december 2015

Even wat anders bij het Filosofisch Café. Dit keer geen Nietzsche, Seneca, of Kant, maar Afrikaanse filosofie. Wat weten we daar eigenlijk van? Aan welke filosofen moeten we dan denken? En bestaat er eigenlijk wel zoiets als Afrikaanse filosofie? Bij het laatste Filosofisch Café van het najaar spreekt prof. dr. Martha Frederiks (Religiewetenschappen, UU) over de geschiedenis van de Afrikaanse filosofische traditie. Of beter: wanneer ontstond het idee dat er zoiets bestaat als een typisch 'Afrikaans' denken?

Het onderscheiden van een specifiek Afrikaanse manier van leven en denken dient een politiek doel

Etnofilosofie

Een belangrijk figuur in de totstandkoming van de Afrikaanse filosofie is Edward Wilmot Blyden (1832-1912), de vader van het panafrikanisme. Die beweging promootte solidariteit onder alle Afrikanen over de hele wereld, en riep op tot gezamenlijk verzet tegen de koloniale overheersing. Blyden ging er vanuit dat er een Afrikaanse identiteit ('African personality') bestaat die de voormalig slaven in de koloniën verbindt met de Afrikanen op het continent. Het christendom, vond hij, hoorde daar niet bij—dat was de religie van de onderdrukker. Wat je dus ziet, stelt Frederiks, is dat het onderscheiden van een specifiek Afrikaanse manier van leven en denken een politiek doel diende, als bijdrage aan antiracisme en Afrikaans nationalisme.

Met de Belgische missionaris Placide Tempels kwam er een term voor dit soort denken: etnofilosofie. Aan de hand van de verhalen, mythen en rituelen van de Bantoe volkeren (in zuidelijk Afrika) formuleerde Tempels een filosofie die specifiek voor dit volk zou gelden. Als typische koloniaal met bijbehorend superioriteitsgevoel vond hij overigens dat zij zelf niet in staat waren zo'n filosofie te formuleren—daar hebben ze volgens Tempels buitenstaanders voor nodig.

Frederiks legt uit dat dit idee van een filosofie geformuleerd rond etniciteit zeer belangrijk was voor de onafhankelijkheidsbewegingen in de jaren '30 en '40 van de vorige eeuw. De 'Negritude-beweging' bijvoorbeeld, was ervan overtuigd dat er een essentieel en makkelijk te onderscheiden Afrikaans denken bestaat. Zij waren fel tegen het koloniale beschavingsoffensief en streden voor de rehabilitatie van Afrikaanse ideeën. Maar hoe belangrijk deze politieke bewegingen ook zijn geweest, het bestaan van een Afrikaanse filosofie is niet onomstreden. Kunnen we wel een filosofie baseren op culturele eenheid? En is Afrika niet veel te groot en veelzijdig om in één culturele identiteit te vatten?

De uitvinding van Afrika

Veel Afrikaanse intellectuelen hebben felle kritiek geleverd op de etnofilosofie. De Ghanese filosoof Kwasi Wiredu vindt het pseudo-filosofie die lijnrecht tegenover de academische filosofie staat. Bovendien is de nadruk op de Afrikaanse traditie problematisch. Alsof het verleden een gouden tijd was, een statische verzameling aan ideeën en overtuigingen die we zonder moeite terug kunnen halen.

Volgens de Congolese filosoof Valentin Mudimbe zijn er twee belangrijke vragen die we onszelf moeten stellen als we spreken over Afrikaanse filosofie. Wat is Afrika? En: wie definieert het? Is de kerkvader Augustinus, die we rekenen tot de westerse filosofische canon, maar uit Noord-Afrika kwam, een Afrikaanse filosoof? Spreken we alleen over 'zwart' Afrika? En rekenen we ook westers geschoolde filosofen mee?

Alsof Afrika niet sinds mensenheugenis met het Westen verbonden is!

Zo zien we hoe belangrijk bepaalde definities zijn voor ons beeld van Afrika en Afrikaanse filosofie. Die komen bovendien dikwijls van buitenaf en het beeld dat er uit voortkomt is helaas nog te vaak gekleurd door exotisme en racisme. Het probleem zit hem dus vooral in het eerste zinnetje van dit blog: dat Afrika inherent iets 'anders' is en dat de Afrikaanse filosofie mijlenver van de westerse filosofie vandaan zou staan. Dat beeld wil Frederiks graag ontkrachten: “Alsof Afrika niet sinds mensenheugenis met het Westen verbonden is!”

Grenzen van de filosofie

Die verbondenheid maakt het onmogelijk om een bepaalde manier van denken etnisch of geografisch te begrenzen. Als we die gedachte doorvoeren betekent dat niet alleen dat we moeilijk kunnen spreken van een Afrikaanse filosofie—ook de grenzen van de westerse filosofie blijken dan minder stabiel dan we denken. Zolang die scherpe scheidslijn bestaat, blijft ook de dialoog uit. Dat is jammer, vindt Frederiks, die er haar missie van heeft gemaakt om Afrikaanse denkers wat meer bekendheid te geven. “Ik raad mijn collega's dan ook regelmatig aan om eens bij een Afrikaanse academicus te rade te gaan.”

Het volgende seizoen van het Filosofisch Café begint op dinsdag 12 januari, 2016. Dan luidt prof. dr. Marcus Düwell het nieuwe jaar in met een lezing over goede voornemens.